Lichaamsgerichte psychotherapeuten menen dat het lichaam zo sprekend is, dat ze de geschiedenis van de persoon kunnen aflezen aan de lichaamsbouw en -houding. Je lichaam zegt iets over wie je bent, wat je levensthema’s zijn, hoe je je daartoe verhoudt en wat je daarvan toont aan de buitenwereld. Het is onvermijdelijk dat je ook tijdens het buikdansen jouw levensthema’s meeneemt. Je kunt je levensbagage immers niet uittrekken en thuislaten; je draagt het altijd bij je omdat het is vormgegeven in je lichaam.

De Oostenrijks-Amerikaanse Wilhelm Reich (1897-1957), psychiater en leerling van Sigmund Freud, heeft het verband tussen het lichaam en de persoonlijkheid van een mens gevat in een theorie over karaktervorming. Karakter wordt, in de visie van Reich, gevormd door omstandigheden en ervaringen in je jeugd. Er zijn 5 karaktertypen die ieder zo hun eigen lichamelijke vertaling hebben. Overigens heeft iedereen zo zijn eigen mix aan types! Deze keer worden de laatste 3 types besproken.

  1. het gefragmenteerde type;
  2. het behoeftige type;
  3. het opgetilde type;
  4. het samengedrukte type;
  5. het terughoudende type

Het opgetilde type

Na het welkom geheten worden in de wereld en het innemen van voldoende voeding breekt in de gezonde ontwikkeling de logische volgende fase aan: het kind heeft de behoefte om de wereld in te gaan, deze te bekijken, te ontdekken, te proeven (leeftijd 1-2 jaar). Al kruipend en lopend wil het de wereld ontdekken, nieuwsgierigheid voert de boventoon. Wel is belangrijk dat het kind kan ‘terugvallen’ op de ouders als de wereld iets onprettigs oplevert. Op zijn pad kijkt het kind ook regelmatig achterom om te zien of de ouder er nog steeds is. Nu kan het zijn dat de ouders te weinig aanwezig zijn om het kind bij een nieuwe prestatie te ondersteunen, of ze zijn juist teveel aan het stimuleren en willen graag dat het kind dingen doet waar het nog niet aan toe is. Dan ontbreekt de afgestemde support. Het kind gaat zich flinker voordoen dan het is. Volgens Reich ontstaat dan het ‘opgetilde’ karaktertype. De levensstrategie wordt dan: ‘ik doe het wel zonder hulp, ik doe het wel alleen’. De houding naar de ander en naar de buitenwereld wordt gekenmerkt door wantrouwen.

In de bouw en houding is te zien dat dit type over meer energie beschikt dan het gefragmenteerde en het behoeftige type en deze energie is geconcentreerd in het bovenlichaam. Zo is de borstkas wat verdikt, opgeblazen, opgepompt en verhard. Uitademen en de borstkas ontspannen is voor deze mensen lastig. Je ziet bij dit type weinig basis, dat wil zeggen in verhouding tot het bovenlichaam minder ontwikkelde benen, smallere heupen. Dit wordt dan weer gecompenseerd met wijdbeens staan dat samengaat met het op slot zetten van de knieën. Een variant in de bouw namelijk dat van een zandloper model komt ook voor. Dit is sterk te zien bij danseres Sadie. Het aspect van ‘grootser en spectuculairder’ vind je terug bij optredens van de Bellydance Superstars. Sommige dansgroepen, ik denk met name aan sommige Tribal dansgroepen, hechten veel waarde aan serieus genomen worden. Zij doen dat met mimiek, kleding en lichaamsbeheersing. Als zo’n groep langsloopt onderweg naar het podium, stap ik als vanzelf opzij. Het intimiderende hieraan hoort bij de opgetilde structuur.

Als jij je als buikdanseres in het opgetilde type, dan vertrouw je meer op je bovenlijf dan op je onderlijf. Je hebt daar meer ‘feeling’ mee. De spanning in je middenrif en nek maken dat bewegingen soms wat hoekig overkomen, “mannelijk”. De smeuïgheid en losheid in je bewegingen zijn verminderd vanwege een gebrekkige basis. Je houdt van prikkelende muziek waar je wat ‘mee kunt’, drumsolo’s of afwisselende muziek die speciaal voor optredens gemaakt zijn. Mogelijk dans je bij tragere muziek vóór de maat, omdat je een zeker ongeduld hebt. Je houdt waarschijnlijk van dynamische bewegingen die te maken hebben spektakel en effect: shymmies, backbends, dubbele sluiers, waaiers, Isis-wings. Optreden vind je leuk. Misschien herken je een winnaarsmentaliteit: jou lukken veel dingen. Of het nou het opzetten van een dansgroep of lesgenoten enthousiasmeren om buiten de les om met elkaar af te spreken: jij doet het en je hebt je woordje klaar. Je hebt de neiging om andere danseressen in te delen in “die kunnen het minder dan ik” en  “die kunnen het beter dan ik”. Voor lesgenoten die wat langzamer zijn of minder energiek zijn heb je, vanuit het perspectief van dit karaktertype gezien, minder respect. Naar betere danseressen is er een houding van concurrentie of komt er faalangst naar boven. Mogelijk heb je een wat holle rug en herken je in je lendenen wel zwakke plekken. Dat is de lichamelijke vertaling van het missen van de back-up in je verleden.

Heling door buikdans

Als je dit type in jezelf herkent dan weet je wel dat je je soms sterker voordoet dan je je diep van binnen voelt. Buikdansen nodigt jou uit om met je gevoel meer in je bekken te komen waardoor je bovenlijf wat kan ontspannen. Zie je bekken als een kom waar je romp in kan rusten. Contact met het bekken op gevoelsniveau kan beangstigend zijn omdat dan de beleving van het ontbreken van een basis naar het bewustzijn komt. Zoek daarom je gevoel in je bekken stapje voor stapje op, overhaast niets. Daarnaast is aarden: het voelen van de grond onder je en je gewicht eraan overgeven, belangrijk voor je. Help jezelf te gronden door je over je benen te strijken. Leer vertrouwen op je lichaam: je benen en je bekken dragen je. Adem vooral ook eens uit, voel je lijf van binnenuit en zoek je zachtheid eens op en vertraag. Gebruik langzame en geaarde muziek, baladi-muziek is hiervoor zeer geschikt. Voor jou is het handig om te kiezen voor een docent die verbondenheid tussen vrouwen belangrijk vindt. Verbinden met anderen, anders dan vanuit prestatie, is voor jou een aandachtspunt. Een goede oefening voor jou is het bewegen op zachte lyrische muziek met een lesgenootje achter je die haar hand op je rug houdt en jou ondersteunt. Het idee van leunen.

Het samengedrukte type

De volgende ontwikkelingsfase treedt in als het kind weer iets ouder wordt namelijk 2-3 jaar. Het ontdekt dan de vrije wil, zelfbeschikking en-expressie. Deze fase levert weer hele nieuwe kanten van het leven op die worden uitgeprobeerd: het kind zegt ‘nee’ omdat het ‘nee’ kan zeggen. Tegen eten, tegen dingen doen, tegen kleding die gedragen dient te worden. Wordt de expressie van het kind dan teveel beknot door de ouders, dan vertaalt zich dit thema tot de ontwikkeling van het ‘ingehouden’ karaktertype. De overtuiging is: ik ben niet vrij, ik moet me inhouden. Naar anderen toe betekent dat de houding van: als ik maar braaf en meegaand ben, dan behoud ik de liefde van de mensen om me heen. Mensen met dit type zijn opofferend en vriendelijk, krachtig, bereid om te werken. Ze neigen veel op de schouders te nemen, zichzelf weg te cijferen en vergeten zelf te genieten. De vrije expressie van ja en nee blijft ook op latere leeftijd een moeilijk punt. Er is ook boosheid en wrok over de beperking hierin maar ook dat gevoel komt niet zomaar naar buiten want daar is schaamte over.

In het lichaam is terug te zien dat er veel gedragen en ingehouden wordt. Het typische beeld van iemand met dit type karakter is een compacte bouw, een vierkante romp, een korte stevige nek, gespierde schouders en armen, een verkrampt bekken met aangespannen billen en krachtige benen. Het geeft het beeld van de staart tussen de benen houden. Het gezicht staat vriendelijk, de handen en voeten zijn fijn gevormd. De sterke rompspieren vormen als het ware ook een pantser dat spontane expressie tegenhoudt. Hoe dat precies tot stand komt staat beschreven in het artikel in de Raks wa Risale nr 15-44 “Lijfwerk voor buikdanseressen?”. De ademhaling kan zwaar zijn vanwege de overmatige bespiering.

Als buikdanseres zijn jouw bewegingen als vanzelf geaard. Soms iets te, zó, dat je moeite kan hebben met lichtere bewegingen, speciaal van het bovenlijf en lyrische uitingen van bovenlijf en armen. Ruimte innemen vind je lastig, letterlijk en figuurlijk. Je hebt de neiging om op je plaats te blijven staan als je improviseert, en je bewegingen zijn mogelijk kleiner dan bij jouw ingehouden kracht past. Je armen gebruik je niet of meestal maar dichtbij je lichaam. Een stukje voordansen vind je moeilijk omdat je dan jezelf laat zien, schaamte ligt op de loer en je vreest afkeuring. Je leidt aan zelf-onderschatting. Vanuit dit type karakter, doe je aan een optreden mee vanuit plichtsgevoel naar de anderen maar genieten en echt plezier ontbreekt omdat je eigenlijk liever niet in de belangstelling staat. Je bent een steunpilaar en je doet veel voor je dansgroep maar je zult niet met de eer gaan strijken. Een voorbeeld van een bekende danseres met kenmerken van dit type is Suheir Zaki. Zij heeft fysieke kracht, veel lichamelijke aanwezigheid en aarding. Ze is bescheiden is in haar bewegingen en ruimtegebruik. In haar bouw zie je de sterk gespierde armen, fijne vingers en een vrij korte nek.

Heling door buikdans

Vooral de elementen in het buikdansen die jou je ruimte in laten nemen helpen je uit je patstelling van vastzitten in jezelf. Met name de typische expressiekanalen, je armen, kun je gebruiken om letterlijk meer ruimte in te nemen. Ik heb al een aantal oefeningen beschreven in het eerste artikel over lijfwerk voor buikdanseressen in Raks wa Risal nr 15-44, bijvoorbeeld het “stoten met de ellenbogen”. Het werkt bij jou vaak wel als je door de docent of een medeleerling over de drempel getrokken wordt om eens gek te doen en gekke bekken te trekken. Ga voor je expressie! Zoek in je dans aansluiting bij mensen die minder moeite met zelfexpressie hebben dan jij en laat je door hun inspireren. Bevrijdend voor jou werkt het als je je realiseert dat je best wel eens ‘maling ergens aan mag hebben’ als er weer een klusje gedaan moet worden. Dansen waarbij je je verplaatst, op een lekker malfouf ritme bijvoorbeeld of ruimtelijk werken met sluiers doet je goed. Laat je ook horen! Oefen de Marokkaanse vreugdekreet, dans met zills of met trommels. Doe maar, het zal blijken dat je het goed kunt! Laat positieve reacties van anderen hierop maar goed tot je doordringen. Stiekem ben je namelijk bang dat je verlaten wordt als jij ruimte inneemt.

Het rigide type

Met het doorlopen van de fasen en door groei wint het kind aan kracht en gevoel in het lichaam. Het lichaam is wat je noemt energetisch geladen. De logische volgende stap is vanuit deze energie uitreiken naar een ander individu en het delen van oprechte liefdevolle intimiteit: de kleuterpuberteit. Het kind zal uitreiken vanuit zijn of haar sensualiteit: dat wil zeggen met een natuurlijke verbinding tussen het hart en de seksualiteit in het bekken. Het zal zich in eerste instantie richten op de ouder van het andere geslacht en die willen knuffelen, bij in de buurt willen zijn en kan zich verliefd gedragen. Er bestaat een kans dat de ouder ambivalent of afwijzend reageert op deze toenadering, met name in reactie op het seksuele deel. Is dat zo dan kan dat als een diepe afwijzing ervaren worden en voelt het kind zich gekwetst in het hart. Er kan zich dan volgens Reich het rigide karaktertype ontwikkelen. Hij of zij wordt voorzichtig met zich overgeven aan een ander en gaat zich terughouden, in het hart of in seksualiteit. De volheid van de overgave komt hiermee onder controle te staan. De persoon kan gaan leven volgens rolpatronen die algemeen geaccepteerd worden, om de kans op afwijzing tot het minimum te beperken.

Het lichaam van de typisch rigide persoon is goed geproportioneerd, sterk en rechtop, met soms een wat strenge houding die respect afdwingt. Soms kunnen rigide mensen ook enigszins arrogant en trots overkomen. Rigide mensen verzorgen hun lichaam en kleding goed, het zijn vaak mooie mensen om te zien. Mogelijk zit het gebied rond het hart, evenals de schouders, vast. Een gespannen middenrif zorgt voor een splitsing tussen het hart en bekken. Als het terughouden in de volheid met name de seksuele energie betreft kan de onderrug hol zijn door het terughouden van het bekken. Deze mensen kampen daardoor vaak met pijn in de onderrug. Betreft het terughouden vooral het hart, dan is dat ook letterlijk te zien in de houding (zie de tekeningen). Als je naar die persoon kijkt dan zie je het verleidelijke subtype: de aandacht wordt naar het bekken getrokken. Hier is sensualiteit vervangen door seksualiteit. Soms vindt bij rigide mensen de ingetoomde levensenergie een uitweg naar de ogen, stralende ogen zijn een kenmerk. Ze trekken daarmee de aandacht naar zich toe. Een voorbeeld van een danseres met rigide kenmerken is Samia Gamal. Door hare charmante meisjes achtige glimlach zorgt ze ervoor dat niemand haar kan afwijzen. In haar lichaam zie je zowel wat terughouden van het hart, als een holle onderrug. Als je haar van de zijkant ziet, staan haar bekken en hart ook niet vaak boven elkaar, wat de energie doorstroming bemoeilijkt. De eerder genoemde Sadie beheerst haar lichaam perfect, ze is terughoudend in het laten zien van haar spontaniteit.

Als rigide buikdanseres heb je veel potentie. Je hebt ook je zaakjes goed voor elkaar: je uiterlijke verzorging, kleding en kostuums zitten goed en hierin klopt alles. De rol van gastvrouw of docente speel je goed en je denkt aan alle details: alles is precies in orde. Je hebt ook wat te brengen: je bent attent en denkt mee. In de dans staat stilering voorop. Je danst vooral zo mooi mogelijk met aandacht voor de vorm van je dans, een mooie afwerking bijvoorbeeld met de armen erbij. Je echte spontaniteit ontbreekt echter, het is door je gesloten gekwetste hart een beetje kil. Losse bewegingen met het bovenlijf kunnen door de spanning lastig blijven. Je hebt mogelijk een voorkeur voor de chique klassieke dansstijl en -muziek. In het samendansen op feesten bijvoorbeeld, en zeker als er mannen bij aanwezig zijn, dan is seksualiteit een thema. Richting andere vrouwen speelt er concurrentie mee die je je bewust bent of juist afdekt door overdreven vriendschappelijkheid. Door mannen wil je leuk gevonden worden. Je gedrag kan echter verschillende kanten opgaan: je vermijdt mannen, gebruikt je seksuele aantrekkingskracht gebruiken om door mannen gezien te worden of je maakt juist alleen vriendschappelijk contact. Echter, als een man interesse krijgt in je en dichterbij komt dan neem je weer afstand. Vergelijk het rigide type ook eens met de typen danseressen die Peter Verzijl beschreef in de vorige aflevering van Raks wa Risala:  de sensuele danseres versus de sexy danseres in het artikel “De buikdanseres als erotisch kijkobject?”.

Heling door buikdans

Waarschijnlijk ben jij gaan buikdansen omdat het bekken expliciet een erkenning heeft in deze dansvorm. Je zoekt al naar contact met je bekken en je wil dit integreren in je lichaam en in jezelf. Dat doe je dus al goed! Houd vooral ook contact met je hart hierbij door in dit gebied te ontspannen. Je kunt met je vingers je borstkas wat losmaken door je tussenribspieren te masseren. Stel je een verbinding tussen je hartsgebied en je bekken voor, leg je handen op die plekken en probeer je middenrif te ontspannen, zodat je in je lijf de verbinding kunt voelen. Laat je raken door deze bevestiging van jezelf, het is een intiem thema. In de les kun je een lesgenoot, terwijl je danst, een hand op je bovenrug laten leggen, dat stuk waar je hart zich heeft verschanst. Laat dan de warmte van de aanraking binnenkomen. Verder kun je ook wat stevigere lijfwerkoefeningen aan. Zo heb ik het ‘chaotisch ademen’ beschreven in het eerste artikel over lijfwerk voor buikdanseressen in de Raks wa Risala nummer 15-44. Met deze oefening móet je wel een stukje van de controle loslaten. Je kunt de controle ook uitdagen door bepaalde stijlen binnen de oriëntaalse dans: Marokkaanse Berberdans met de stevige shymmies, handen uitschudden en haarzwiepen bijvoorbeeld. Ook diverse zigeunerdanssoorten maken dat jij de rol van prima ballerina kunt loslaten. Laat je inspireren door Arabische vrouwen die in onderlinge feesten elkaars sensualiteit en seksualiteit niet veroordelen maar aanmoedigen.

Vind je dit onderwerp interessant? Nodig Hester dan uit om een workshop of een lezing te geven voor jouw dansgroep. Of kom naar de lezing op 14 december in Waalwijk of naar de lezing over menselijke karakters op 15 februari bij de Volksuniversiteit in Den Bosch. Informatie over deze activiteiten: www.lijfwerk.info en www.bewustlangstraat.nl. Daarnaast zijn er boeken volgeschreven over karaktertyperingen. Daarin komen meer nuanceringen en details naar voren dan in dit artikel mogelijk is. Zie ook hieronder, de bronvermeldingen.

Gebruikte bronnen:

  • Rank – Je lichaam als spiegel, Uitgeverij VBK media, 1996, ISBN13 9789063254896
  • Lowen – Bio-energetica, Uitgeverij Servire, 1994, ISBN 90-6235-274-9
  • Veenbaas et al. – De maskermaker, Uitgegeven door Phoenix Opleidingen, 2011, ISBN 978 90 78395 010
  • Opleiding ‘energetic integration therapeut’ bij Bodymind Opleiding te Rotterdam

Eerst meer lezen over moeder-dochterrelaties? Bekijk mijn artikelen.

Sandra en haar moeder: van altijd lief zijn naar vrij je grenzen aangeven.

Patronen ontwikkel je meestal al vroeg in je leven en zijn vaak gekoppeld aan onbewuste overtuigingen en niet-verwerkte emoties. Soms kun je vastlopen door deze patronen, zo ook Sandra die vertelt dat ze telkens vastliep in haar werk door een al te hulpvaardige opstelling naar haar collega’s toe. In dit artikel zie je hoe ze met een therapie-opstelling ‘ouder-volwassene-kind’ het patroon van ‘lief zijn voor de ander’ en ‘jezelf inhouden’ begon te doorbreken.

Pin It on Pinterest

Share This